De ontwikkeling van de gemeentelijke lasten is mede gebaseerd op de uitgangspunten zoals opgenomen in het coalitieakkoord 2026-2030 ‘Samen doen wat werkt’.
In deze begroting is het volgende verwerkt.
- We verhogen de belastingen in ieder geval met het inflatiepercentage en areaal.
- We verhogen de tarieven van de leges met het inflatiepercentage, waar dat mogelijk is. Tevens wordt gekeken naar de kostentoerekening.
- We verhogen het lage tarief van de toeristenbelasting met het inflatiepercentage. We verhogen het hoge tarief voor de toeristenbelasting gefaseerd naar het gecorrigeerde landelijke gemiddelde conform eerder besluitvorming.
- We verhogen de OZB opbrengst niet-woningen, conform eerder besluitvorming.
- Voor de afvalstoffenheffing/reinigingsrecht en rioolheffingen is het uitgangspunt een kostendekkend tarief, dit betreft een gesloten stelsel.
- We schaffen de hondenbelasting af.
Voor de raming van de belastingopbrengsten in 2027 hanteren we het in de Voorjaarsnota opgenomen inflatiepercentage van 2,1%. Dit percentage is gebaseerd op de inflatieprognose van het Centraal Planbureau van maart 2026.
De uitvoering en bevoegdheden op het gebied van de gemeentelijke belastingen en de Wet Waardering onroerende zaken (Wet WOZ) zijn overgedragen aan Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen (BsGW). De Waarderingskamer geeft jaarlijks een oordeel over de uitvoering van de Wet WOZ. Al sinds 2022 is dit oordeel "goed" (4 sterren), zoals door BsGW ook als kwaliteitsnorm was opgenomen. In 2025 is dit oordeel verhoogd naar 5 sterren ("goed, meerdere jaren).
